Caesar en Cleopatra: een review

Voor mijn verjaardag kreeg ik een nieuw spel voor twee personen: Caesar en Cleopatra. Caesar en Cleopatra is een kaartspel waarin twee spelers, Caesar en Cleopatra, strijden om de stem van de patriciërs. Wie op het moment-supreme de meeste invloed heeft op de aangewezen factie, krijgt de stem van een patriciër van die factie. Het doel is om zo veel mogelijk patriciërs voor je te winnen.

In je beurt leg je invloedkaarten met een bepaalde waarde aan een factie om de kans dat je een van deze patriciërs krijgt te verhogen. Je eindigt je beurt door een vertrouwenskaart om te draaien, deze kaart bepaalt welke factie aan zet is. Op het moment dat je bijvoorbeeld de kaart met Censors omdraait, krijgt de spelers met de meeste waarde aan de Censors een kaart van deze factie. In totaal zijn er 8 vertrouwenskaarten. Per factie is er een vertrouwenskaart, de overige drie vertrouwenskaarten zijn twee orgies (er gebeurt niets) en een orgie: schud de kaarten. Een patriciër die net is omgedraaid kan niet meer worden omgedraaid tot er opnieuw wordt geschud.

In je beurt doe je er alles aan om bij zo veel mogelijk patriciërs meer invloed te hebben dan je tegenspeler. Je mag maar een beperkt aantal invloedkaarten aanleggen, dus wil je dit zo strategisch mogelijk doen. Het lijkt slim om zo min mogelijk, maar wel net meer invloed te hebben dan je tegenspeler; winnen met één punt verschil is het beste. Doordat je je voorsprong zo klein mogelijk wil houden, heeft je tegenspeler veel mogelijkheid om in zijn beurt jouw voorsprong in te halen. Omdat de verdeling van de invloedkaarten aan het eind van je beurt meer in jouw voordeel is, dan de verdeling aan het eind van de beurt van je tegenspeler, wil je het liefst altijd een vertrouwensvraag omdraaien met een patriciër erop, zodat je voordeel hebt van je voorsprong. Draai je echter een orgie om, dan heeft je tegelspeler de kans om jouw zorgvuldig berekende voorsprong weer in te halen. Maar dat niet alleen, de kansverdeling schuift op in het voordeel van je tegenspeler.

Het spel werkt namelijk met de volgende kansverdeling. De groene vakjes gelden voor de eerste speler (de speler die aan de beurt is direct nadat er is geschud) en de oranje vakjes gelden voor de tweede speler.

Aantal patriciërs in de stapel Kans op patriciër Kans na 1 orgie eruit Kans na 2 orgies eruit
5 5/8 (63%) 5/7 (71%) 5/6 (83%)
4 4/7 (57%) 4/6 (67%) 4/5 (80%)
3 3/6 (50%) 3/5 (60%) 3/4 (75%)
2 2/5 (40%) 2/4 (50%) 2/3 (68%)
1 1/4 (25%) 1/3 (33%) 1/2 (50%)

 

De kans voor de eerste speler op een patriciër is 63%. Stel dat hij een patriciër omdraait, dan daalt de kans op een patriciër voor de tweede speler naar 57%. Er zijn immers relatief minder patriciër-kaarten in de stapel vertrouwenskaarten. Maar op het moment dat hij een orgie omdraait, stijgt deze kans naar 71%. Het omdraaien van de orgie zorgt er dus voor dat je tegenspeler in zijn beurt betere kansen heeft om een patriciër om te draaien.

Dit dubbele nadeel is niet het enige minpuntje aan het spel. De kansverdeling in het begin is in het voordeel van de eerste speler: hij heeft 63% kans om een patriciër om te draaien. In de meeste gevallen zal hij dus een patriciër omdraaien. De tweede speler heeft dan echter maar 57% kans om ook een patriciër om te draaien. Het is weliswaar waarschijnlijker dat hij een patriciërskaart omdraait dan een orgie, maar minder waarschijnlijk dan voor de eerste speler. Dit voordeel in kans voor de eerste speler werkt door in de rest van het spel tot er opnieuw geschud wordt. En omdat de kans op de schudden-orgie groter is voor de tweede speler, werkt dit ook weer in het voordeel van de eerste speler.

Betekent dit dat je nooit moet beginnen aan Caesar en Cleopatra? Dat is te sterk uitgedrukt. Het inschatten van je tegenstander is een groot element in het spel en erg leuk. Het spel is super spannend en meeslepend. Maar door de ongebalanceerde kansen is verliezen wel extra zuur. Vooral spelen als je goed tegen je verlies kunt dus.